Het zwemmen, springen en duiken in kanalen is levensgevaarlijk. Tijdens de zomermaanden komt het regelmatig voor dat met name jongeren een duik nemen in een van de Brabantse kanalen.
Nu de schoolvakantie voor de deur staat wil Rijkswaterstaat deze jongeren en hun ouders waarschuwen voor de gevaren die het zwemmen in kanalen met zich meebrengt, om zo ongelukken of sterfgevallen te voorkomen.
Wat kan er fout gaan?
Bij het schutproces van de sluizen ontstaan draaikolken die een zwemmer naar beneden kunnen trekken. De zogenoemde omloopkanalen en spuiwerken bij sluizen veroorzaken bovendien een continue stroming.
Niet overal is het water even diep, duiken in ondiep water kan gevaarlijk letsel opleveren. Ook zijn de oevers niet op zwemmers ingericht, waardoor het lastig is om op de kade te komen.
Op de bodem kunnen scherpe voorwerpen liggen, zoals verroeste fiets/autowrakken, die mensen kunnen verwonden. Deze voorwerpen zijn door het troebele water niet altijd te zien.
Het water in de kanalen voldoet niet aan de kwaliteitseisen die aan zwemwater worden gesteld.
Ook de scheepvaart maakt het zwemmen tot een gevaarlijke bezigheid. Mede doordat schepen een grote dode hoek hebben, zijn zwemmers vanaf een schip niet of nauwelijks te zien. Schepen gaan vaak sneller dan de meeste mensen denken. Ze kunnen ook niet snel vaart minderen. Bovendien kunnen zwemmers door de zuigende werking van vooral grote vrachtschepen naar een schip worden toegetrokken, met alle gevolgen van dien.
Verantwoordelijkheid
Zwemmen in kanalen is bij wet verboden, wie het toch doet is dus in overtreding en kan hiervoor bekeurd worden à €90.00 per overtreding. Maar veel belangrijker dan het uitreiken van bekeuringen, is het te voorkomen dat er ongelukken gebeuren. Op die verantwoordelijkheid wijst Rijkswaterstaat de jongeren maar ook hun ouders.
| < Vorige | Volgende > |
|---|








